
Bijna iedereen in de zorg heeft het wel eens meegemaakt: een team waar de sfeer niet klopt. Waar geroddeld wordt, waar mensen elkaar niet aanspreken maar wél achter elkaars rug klagen, en waar het verzuim sluipend oploopt. Een disfunctioneel team is niet alleen vervelend om in te werken — het raakt direct de kwaliteit en veiligheid van de zorg. Onrust in het team wordt onrust op de groep.
Het goede nieuws: een team raakt zelden “voorgoed kapot”. Met de juiste blik en de juiste stappen is bijna elk team weer op te bouwen. In dit artikel kijken we naar de signalen, de échte oorzaken en de eerste stappen eruit.
Herken je er meerdere? Dan is dat geen reden voor paniek, maar wel een signaal dat er aandacht nodig is voordat het verder vastloopt.
Het is verleidelijk om de schuld bij één of twee “lastige” personen te leggen. Maar disfunctioneren is bijna nooit de schuld van een individu — het is een patroon waar iedereen, vaak onbewust, aan meedoet. Onder de oppervlakte spelen meestal deze dingen:
De basis van elk goed team is psychologische veiligheid: durven zeggen wat je denkt, fouten durven toegeven, kwetsbaar durven zijn. Ontbreekt die veiligheid, dan gaan mensen zich indekken. Roddel en kampvorming zijn vaak symptomen van angst, niet van slechtheid.
In veel teams wordt openlijk conflict vermeden. Maar conflict dat niet wordt uitgesproken, verdwijnt niet — het gaat ondergronds, als gemopper en passieve weerstand. Een team dat niet leert om gezond te botsen, raakt verstopt.
Als niet helder is wie waarvoor verantwoordelijk is, ontstaat er irritatie: “dat had jij toch moeten doen?” Veel “gedoe tussen mensen” blijkt bij nader inzien onduidelijkheid in de structuur.
Onderbezetting en chronische drukte vreten aan een team. Als iedereen voortdurend in de overlevingsstand zit, is er geen ruimte meer voor elkaar. Veel teamproblemen zijn in de kern werkdrukproblemen.
Een disfunctioneel team is meestal geen verzameling lastige mensen, maar een groep goede mensen die vastzit in een ongezond patroon.
De eerste en moeilijkste stap is het onbespreekbare bespreekbaar maken. Benoem wat je ziet, zonder met vingers te wijzen: “Ik merk dat er veel over elkaar gepraat wordt en weinig met elkaar. Ik wil graag dat we daar samen iets aan doen.” Het gaat om het patroon, niet om de personen.
Veiligheid bouw je op door voor te doen. Als leidinggevende of collega: geef zelf een fout toe, vraag om feedback, reageer rustig als iemand iets moeilijks zegt. Hoe er op de eerste kwetsbare opmerking wordt gereageerd, bepaalt of er een tweede komt.
Verander vage goede voornemens in concrete afspraken. Hoe spreken we elkaar aan? Wat doen we als we het oneens zijn? Wie is waarvoor verantwoordelijk? Leg het samen vast en kom er regelmatig op terug.
Een team herstelt niet in één gesprek. Het zijn de kleine momenten — een eerlijk gesprek dat goed verliep, een collega die zich uitsprak — die het verschil maken. Benoem ze. Erkenning is de brandstof van herstel.
Als een team echt vastzit, is het lastig om er van binnenuit uit te komen — je zit immers zelf in het patroon. Een onafhankelijke begeleider of teamtraining kan dan precies het zetje geven dat nodig is: een veilige setting waarin het onuitgesprokene eindelijk op tafel komt, en het team samen nieuwe afspraken maakt. Dat is geen teken van falen, maar van leiderschap.
Een disfunctioneel team is geen eindstation. Met aandacht voor veiligheid, eerlijke gesprekken en duidelijke afspraken kan bijna elk team weer een plek worden waar mensen met plezier en vertrouwen samenwerken. En dat merken niet alleen de collega’s — dat merken de bewoners het allereerst. Rust in het team is rust op de groep.
Je team structureel sterker maken? Bekijk de trainingstrajecten.
Met een teamtraining help ik teams om grip te krijgen op spanning, veiligheid en samenwerking. Bekijk de mogelijkheden of ontvang wekelijks tips via De Casusbrief.
Bekijk het aanbod →AllesFrits · Cornelis Roobolstraat 32, 3554 BT Utrecht · KvK 72687479 · BTW NL002437177B90 · info@allesfrits.nl